


 

|
De heenreis. 
Bij de lancering staat het ruimteschip met zijn neus in de lucht,
net als bij een gewone raket. De passagiers gaan het ruimteschip
in en
er word afgeteld. ....5....4....3....2....1....0 lift off. Langzaam
komt het ruimteschip in beweging. Steeds sneller gaat het ruimteschip
naar boven. Steeds hoger en hoger, tot de toeschouwers niets meer
zien. De eerste vier dagen vliegt het ruimteschip naar de maan.
Na die vier
dagen heeft het ruimteschip een baan rond de maan. Het ruimteschip
krijgt steeds meer snelheid en nog een dag blijft het ruimteschip
in een baan rond de maan. Na die dag word de snelheid van het
ruimteschip
te groot en dan word het ruimteschip uit de baan geslingerd en gaat
richting mars. Zo blijft het ruimteschip door vliegen, alsmaar rechtdoor.
Op dag 10 heeft het ruimteschip zijn maximale snelheid bereikt en
stoppen de motoren (de motoren hebben 10 dagen op volle kracht
gedraait). Om
dat er in de meeste delen van ons zonnestelsel geen wrijving is kan
het ruimteschip gewoon met de zelfde snelheid doorvliegen. Op dag
honderd land het ruimteschip op mars.
De landing verloopt vrij simpel. Het ruimteschip land net zo als
een vliegtuig. Maar dan op een 5km lange landingsbaan.
Onderweg kunt u de de maan erg goed zien en als we geluk hebben ziet
u ook nog de twee manen van mars (Phobos en Deimos). De hele heenreis
duurt 100 dagen.
|