





|

Praktische
zaken
Op deze pagina vind je informatie over:
Heen-
en terugreis:
Op de heenreis zijn we met de trein naar Küstrin gereisd, het laatste
station in Duitsland voor de Poolse grens (niet te verwarren met Kostrzyn,
het eerste station in Polen). Wij kozen deze bestemming omdat er in de
buurt twee campings liggen: in Bleyen aan de Oder (gasthof Wagenrad),
en in Zechin (camping Oderbruch). De meer zuidelijke route Frankfurt
aan de
Oder- Poznan leek ons nogal druk, omdat het de hoofdroute naar Warschau
is. Een andere goede mogelijkheid is de route langs de kust, van Szczecin
via Gdansk naar Elblag. Maar we hadden vorig jaar al een flink stuk Oostzeekust
gedaan en hadden geen trek in strandcampings.
De goedkoopste manier om er te komen is met een Schönes Wochenende
ticket (€ 42,-- voor 4 personen en 4 fietsen heel Duitsland door,
alleen op zaterdag of zondag, prijspeil 2005). Nadeel is dat je alleen
regionale treinen mag gebruiken en je vaker moet overstappen. Het is precies
in een dag te doen: wij vertrokken even voor 9 uur uit Bad Bentheim en
waren om 8 uur ’s avonds in Küstrin, inclusief een uur vertraging
wegens een ongeval bij Hannover. Vanuit Enschede kan het ook, dan duurt
het iets langer.
Comfortabeler, sneller en duurder is de internationale trein naar Berlijn
en daar overstappen op de stoptrein naar Küstrin. Het is dan wel
zaak voor de trein naar Berlijn vooraf een plek voor de fietsen te reserveren,
de belangstelling is in de zomer doorgaans groter dan de capaciteit.
Gebruik
voor je treinreis (ook in Polen, Litouwen en andere europese landen)
de onvolprezen duitse reisplanner: http://reiseauskunft.bahn.de.
Terug hadden wij de boot van Klaipeda naar Kiel geboekt, geheel tegen onze
gewoonte in al ruim van te voren, eind maart. Dat was nodig ook, want toen
al waren niet alle data en alle accommodaties meer beschikbaar. Op de boot
bleek dat deze niet helemaal vol was, we hoorden dat er boekingen waren
uitgevallen. Je kan dus proberen later te boeken of zelfs in Klaipeda (scheepvaartkantoor
in de veerhaven). Het is niet onmogelijk, maar: op eigen risico!
Vanaf Kiel wilden wij met Intercity’s en Internationale trein terug
naar Leiden, maar de fietsplaatsen bleken ook op een donderdag in de zomer
al volgeboekt. Dus ook toen met regionale treinen en veel overstappen de
reis gemaakt (vertrek Neumünster bij Kiel om 11.42, aankomst Leiden
23.00).
Fiets en trein:
Vrijwel alle Duitse treinen hebben een ruime afdeling voor fietsen,
in de regel helemaal voorin of helemaal achterin de trein. Een verademing
voor wie de krappe Nederlandse treinen gewend is! Toch kan het best krap
zijn, zeker in de weekeinden, want er wordt veel gebruik van gemaakt.
Toch
hebben we altijd meegekund, zelfs met 4 bepakte fietsen en een fietskar.
Soms is er sprake van enige stress bij het instappen, maar in de regel
helpt iedereen elkaar met het in- en uitladen van de fietsen en het zo
handig mogelijk neerzetten. Als je de bepakking op de fietsen laat is
het natuurlijk wel aan te raden een oogje in het zeil te houden.
Overstappen kan soms lastig zijn, omdat er niet altijd liften of roltrappen
zijn (zelfs in grotere plaatsen). Bovendien moet je in de grotere plaatsen
ook je spullen in de gaten blijven houden. Maak van te voren afspraken
over de taakverdeling, ook met de kinderen. Wij vormen inmiddels met
zijn vieren een uiterst geroutineerd team dat ook krappe overstappen
soepel
weet te halen. 
Trein in Polen en Litouwen:
Je mag fietsen meenemen in de treinen (tegen
betaling). De meeste treinen hebben echter geen bagageafdeling, je kan
de fiets daar het beste in het voorste of achterste balkon zetten. Met één
of twee fietsen is dat goed te doen, maar met een groter aantal kan het
toch lastig worden. Houd rekening met een erg hoge instap, je zal flink
moeten tillen. In Polen heeft een beperkt aantal treinen wel een fietsen-
en bagageafdeling, op de vertrekstaten en in de dienstregeling staat
hierbij een fietsje vermeld.
De mensen achter de loketten spreken doorgaans geen engels of duits,
zeker in Polen niet. Wij hadden daarom van te voren in het Pools een
briefje
gemaakt waarop stond waar we heen wilden en met hoeveel personen en hoeveel
fietsen. Dat scheelt een hoop handen- en voetenwerk en –belangrijker
nog- misverstanden.
Boot:
Handige sites zijn www.balticsww.com/timetables.htm en
www.balticferries.nl. De tijd die men opgeeft als inchecktijd is erg ruim, als je een uur
van
te voren bij de boot bent, is dat vroeg genoeg. Zowel in Kiel als in
Klaipeda liggen de ferryterminals een half uur tot drie kwartier fietsen
buiten
het stadscentrum.
Op de boot kan je het best in Euro’s betalen, voor Litas rekent
men een ongunstige wisselkoers.
Wegen en verkeer in Polen:
De wegen in Polen zijn erg wisselend van kwaliteit. Er zitten goede stukken
asfaltweg bij, maar doorgaans is de kwaliteit matig. Wegen met veel kuilen
en spleten, soms een smalle strook asfalt met aan weerszijden steenslag,
soms ook alleen steenslag of een stukje onverharde weg. Een enkele keer
ook kinderkopjes (maar minder dan in het oosten van Duitsland). Ondanks
de matige kwaliteit valt er in het algemeen goed te fietsen. We hebben
het meest op regionale wegen gereden (geel op onze kaart). De hoofdroutes
zijn door de drukte onaangenaam om te fietsen. In steden rijden fietsen
doorgaans op de stoep.
De Polen rijden als gekken, en dat dat niet altijd goed gaat kan je zien
aan de kruisen langs de weg. Toch hebben we ons maar zelden onveilig
gevoeld. Als ze je inhalen, gaan de Polen met een ruime afstand om de
fietsen heen.
Als er tegenliggers komen wordt het lastiger. Twee keer schrokken we
van luid piepende remmen achter ons omdat de geplande inhaalmanoeuvre
abrupt
moest worden afgebroken. Als tegemoetkomend verkeer aan het inhalen is,
kan het verstandig zijn om even in te houden of de grindstrook op te
zoeken.
Officieel mag je in Polen niet met zijn tweeën naast elkaar fietsen,
en gezien de rijstijl van de Polen valt daar wat voor te zeggen. Op rustige
wegen hebben wij dat verbod aan de laars gelapt, wat soms wel commentaar
van passerende Polen opleverde. Op drukke wegen reden wij met één
volwassene voorop, dan de kinderen en de andere volwassene achteraan
(dat doen we overigens ook in andere landen). Soms ook in koppels van
twee achter
elkaar, met een tussenruimte zodat inhalend verkeer wat makkelijker kan
invoegen. 
Wegen en verkeer in Litouwen:
De doorgaande wegen in Litouwen zijn iets beter dan in Polen, maar niet
veel. Er zitten minder kuilen in de wegen, maar de kuilen die er zijn,
zijn wel diep. In steden en dorpen ontbreekt bij afvoerputten de putdeksel
of liggen er alleen een paar houten latjes op. Opletten dus.
Het rijgedrag van de Litouwers is iets rustiger dan dat van de Polen,
maar wederom: het scheelt niet heel veel. Op zaterdagmiddag (en in mindere
mate
op zondagmiddag) gaan veel Litouwse jongeren lekker scheuren met hun
auto’s,
al dan niet met een borrel op. We hebben verschillende staaltjes onverantwoord
rijgedrag gezien, het is niet het beste moment om op de fiets te zitten.
Ten zuiden van Kaunas (Veiverlai-Garliava) en Klaipeda (de A141) hebben
we korte stukjes over een soort snelweg gereden. Dat is goed te doen,
omdat je op de vluchtstrook kan rijden. Vervelender zijn de hoofdwegen
Kaunas
en Klaipeda in: erg druk, weinig inspirerend qua omgeving en langer dan
je zou willen. In de steden vragen de taxibusjes aandacht. Als ze een
klant zien, al dan niet bij een bushalte van de officiële lijnbus,
dan gaan ze acuut in de remmen. En snijden zonodig de fietsers, want
dat zijn toch
geen klanten.
Kaarten:
In Polen gebruikten we de Eurocart 1:300000 . In Litouwen de Jena Seta
kaart (1:500000). Die kaart geeft ook uitstekend aan welke wegen verhard
zijn en welke niet.
Koop je kaarten in Polen, dan betaal je minder dan de helft van wat je
in Nederland of Duitsland betaalt. 
Campings in Polen:
Er is een redelijk aantal reguliere campings in Polen, zie de Nederlandse
of Duitse campinggidsen. Wij houden echter meer van kleine campings en
vooral kamperen bij de boer.
Een aantal campings is aangesloten bij de SVR (Nederlandse organisatie
van boerencampings, www.svr.nl). Een groter aantal boerencampings is
te vinden via Eceat (ecologische bedrijven, www.poland.eceat.org/members.htm
)
Daarnaast loont het de moeite te vragen naar “Agrotouristyk”.
Dit zijn in de regel boeren of particulieren die kamers of huisjes verhuren,
maar waar je vaak ook kan kamperen. De kwaliteit is wisselend, meestal
zijn de voorzieningen zeer eenvoudig. Voor het Mazurische merengebied
is er een Agrotouristykgids met veel adressen (Warminsko-Mazurska Wies
Zaprasza),
al zijn die door het ontbreken van een routebeschrijving soms moeilijk
te vinden.
Campings in Litouwen:
Er zijn in Litouwen een stuk of 11 campings van uiteenlopende kwaliteit.
Ze liggen langs de kust en in het oosten van het land. Twee campings
zijn aangesloten bij de Nederlandse SVR (Stichting Vrije Recreatie, www.svr.nl).
“
Agricultural tourism” of in het Litouws “Poilis Lietuvos Kaime” zijn
particulieren in het buitengebied die een kamer of een huis verhuren
(een soort bed and breakfast). Bij een aantal kan je ook een tent opzetten.
Er is een adresboekje van. De routebeschrijvingen zijn van matige kwaliteit
en de informatie is niet in alle gevallen actueel.
Maar vaak zal het uitdraaien op vrij kamperen of aan een boer vragen
of je op zijn land mag staan. Dat is doorgaans geen enkel probleem, alleen
vlakbij de grote steden is men wat terughoudender. Ga een eindje van
de
doorgaande routes af, zoek een boerderij of huis met een vlak veldje
(of mooier nog, een boomgaard) en benader dan de eigenaar. Het Litouwse
woord
voor tent is “palapine”.

Water: In Polen is bij de meeste campings, ook de boerencampings, drinkwater
beschikbaar. In de winkels is volop mineraalwater voorradig (het poolse
woord is “voda”). In Litouwen is het water vaak niet betrouwbaar
en is het verstandig mineraalwater te gebruiken. Let wel op: in de Litouwse
winkel is bijna al het water koolzuurhoudend (gazuotas), en is het soms
zoeken om water zonder bubbels (negazuotas) te vinden. Uit voorzorg hadden
we ook ontsmettingsmiddel voor drinkwater meegenomen, maar dat hebben
we niet nodig gehad.
Taal:
De meeste Polen spreken uitsluitend Pools. Alleen bij de tourist information
en bij veel campings spreekt men engels of duits (probeer altijd eerst
engels). Maar met gebaren, een glimlach en een paar sleutelwoorden (zoals
namiot voor tent en kawa voor koffie) kom je een heel eind.
In Litouwen spreken meer mensen engels, zeker in de steden. Maar ook
daar ben je regelmatig op gebaren aangewezen. 
Criminaliteit:
We hebben geen enkel probleem ondervonden met diefstal of agressiviteit.
Van anderen hebben we wel een paar verhalen gehoord over diefstal, vooral
in de omgeving van Klaipeda. Ook de grensstreek met Wit-Rusland schijnt
minder veilig te zijn, maar daar zijn we niet geweest. In gidsen en sites
staat vermeld dat diefstal van fietsen een risico is, en opvallend was
dat de Litouwers zelf ons ook nadrukkelijk op dat risico wezen.
We hadden dan ook wat voorzorgsmaatregelen genomen. Behalve de Axa-sloten
op de fietsen hadden we enkele kabelsloten meegenomen. De fietspompjes
zaten in de fietstassen en als de fietsen bepakt waren, hebben we ze
eigenlijk nooit uit het oog verloren, tenzij er een bewaakte stalling
was. Bij het
inkopen doen gingen er twee de winkel in, terwijl de andere twee bij
de fietsen bleven. Als we op een terrasje of in een café gingen
zitten zetten we de fietsen in ons zicht. Eigenlijk dezelfde voorzorgsmaatregelen
die je ook in grote steden in Nederland neemt.
Fietsen en uitrusting:
Fietsen: Hoewel Polen en Litouwen vrij vlak zijn, is een fiets met minimaal
7 versnellingen aan te bevelen. De hellingen zijn niet lang, maar kunnen
wel steil zijn.
Kar: Wij gebruiken al een aantal vakanties een Radical Cyclone fietsbagagekar.
We zijn er zeer tevreden over. Rijdt heel soepel, ook kinderkopjes, hobbels
en onverharde wegen zijn geen probleem. Alleen op rulle zandwegen wordt
het erg zwaar.
Reparatiemateriaal: Naast standaardzaken als bandenplakspul en steeksleutels
hebben wij altijd bij ons: touw, ijzerdraad, een verzameling boutjes
en moertjes en linnen plakband. Dat hebben wij ook dit jaar weer gebruikt
voor wat noodreparaties. Ook erg nuttig bleken een paar metalen stripjes
van een halve tot 1 centimeter breed, een centimeter of 5 lang en voorzien
van gaatjes. Bleek erg handig voor het spalken van gebroken bagagedragers
en behoort vanaf nu tot de standaarduitrusting.
In de grotere plaatsen in Polen zijn fietsenmakers te vinden die de meeste
fietsonderdelen wel op voorraad hebben. Bagagedragers of delen daarvan
hebben ze niet, maar men is handig in geïmproviseerde reparaties.
Over fietsenmakers in Litouwen hebben we geen informatie.
Algemene links over fietsvakanties:
(met andere verhalen van fietsers)
Fietsen met kinderen
Fietsen één twee drie
Wereldfietser
Fietsvakantie pagina
 
© Otto Cox 2005/6
|
|